Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 05/10/2026Zeker niet. We horen het uit meer regio's. De data van de kaart komen uit 1937 en er blijkt sindsdien veel te zijn veranderd. In Midden-Brabant is het nu bijvoorbeeld een 'woordenboekwoord' geworden: ouderen die dialectwoordenboeken maken, nemen het erin op, maar ze gebruiken het zelf niet meer. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 05/10/2026Het Tilburgs is ontstaan uit de dialecten van verschillende dorpjes, die nu wijken zijn. Daardoor is er in het Tilburgs best wat variatie. 000
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 05/10/2026‘Bissem’ is typisch voor de regio Tilburg. Die i is ontstaan uit de e. De oorzaak: de s die erop volgt. Die i vind je niet alleen in ‘bissem’, maar ook in ‘bist’, ‘zis’, ‘list’ (“laatst”) en ‘mis’ (“mes”). In Tilburg zijn dat varianten van ‘bessem’, ‘best’, ‘lest’, ‘zes’ en ‘mes’. 100
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 05/10/2026Een ander ‘bezem’-bolwerk is de Westhoek, met dorpen als Dinteloord en Fijnaart. Die plaatsen zijn in de 16e en 17e eeuw gesticht door Hollanders. 100
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 05/10/2026‘Bezem’ is dus geen Brabants maar een Hollands woord. Waarom is het dan in sommige Brbaantse dialecten toch ‘bezem’? ‘Bezem’ vind je in vestingsteden als Breda, Heusden, Bergen op Zoom en Woudrichem. Die hadden veel contact met Holland. 100
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 05/10/2026‘Beseme’ had een lange e en een z-klank, toen nog geschreven als s. Uit ‘beseme’ ontstond het Hollandse ‘bezem’. Dat werd het Standaardnederlandse woord. 100
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 05/10/2026‘Bessem’, ‘bissem’ en ‘bèsem’ zijn niet ontstaan uit ‘bezem’. In de middeleeuwen waren er in ons land twee hoofdvarianten: ‘beseme’ (west) en ‘besme’ (oost). Noord-Brabant deed mee met het oosten: ‘besme’. Met zijn korte e en s-klank werd ‘besme’ later ‘bessem’. 100
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 05/10/2026Het is herfst, dus we moeten de bezem steeds vaker voor de dag halen. Hoe zeiden ze ‘bezem’ halverwege vorige eeuw in Noord-Brabant? Je ziet het op de kaart. Zeggen ze het bij jullie nog steeds zo? Draadje: 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 28/09/2026In Den Bosch was het al in de jaren vijftig ‘eikel’, maar van het oudere woord ‘eêkel’ is een restje blijven bestaan: [Zie de afbeelding.] 010
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 28/09/2026Intussen is het oude woord op veel plekken praktisch verdwenen. Mensen herkennen het soms niet eens meer. Dan denken ze dat het uit een andere plaats komt: “Ieëkel?! Nee, dat is Loons! Bij ons in Drunen is het èkel!” “Ieëkel?! Nee, dat is Drunens! Bij ons in Loon is het èkel!” 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 28/09/2026In sommige plaatsen werd zelfs alleen het jongere woord opgegeven, terwijl we weten dat het daarvoor anders was. Bijvoorbeeld: de geïnterviewde Tilburgers zeiden in 1948 alleen ‘èkel’, maar in oude teksten treffen we nog ‘eêkel’ aan: [Zie de afbeelding.] 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 28/09/2026In de afgelopen eeuw zijn de Brabantse eikels steeds meer op de eiken gaan lijken. Al in het onderzoek (1935-1962) gaven sommige mensen een jonger eikelwoord naast het oude. [Zie de afbeelding.] Dat jongere woord werkt dus net als in het Nederlands: gewoon het eikwoord plus ‘-el’. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 28/09/2026In het Nederlands bestaat het woord ‘eikel’ uit ‘eik’ plus het achtervoegsel ‘-el’. Dat betekent “-je” – dus “eikje”! In veel Brabantse dialecten werkte dat iets anders: [Zie de afbeelding.] Zo was het althans rond 1950. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 28/09/2026In Brabant vind je allerlei eikels – wel 14 verschillende in de dialecten! Althans, in de taal van de mensen die in de vorige eeuw meededen aan het onderzoek. Veel eikels zijn nu anders... 163
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 22/09/2026... - baomes komt alleen voor in de bet. 1. October: Rosmalen, Esbeek, Nistelrode. - baomes komt vnl. of alleen voor in de ss. baomestijd: Besoyen, baomesmert: Vrijhoeve-Capelle. - men spreekt van herfst doch băŏmmesweer: Den Dungen, Haaren, Bladel, Geertruidenberg.” 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 22/09/2026In het oosten lag het wat ingewikkelder, zo vertelt Weijnen: “In het oosten van het baomes-gebied is baomes vaak weinig frequent. Dit konden wij evenwel niet op de kaart aangeven. Wel blijkt uit de volgende opgaven dat baomes dáár nog niet de alemeene beteekenis “herfst” heeft gekregen: ... 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 22/09/2026Net als het Nederlandse ‘bamis’ komt ‘baomes’ van ‘Sint-Bavomis’. Dat is een rooms-katholieke feestdag op 1 oktober. Sint-Bavo is de bescherm-heilige van de goede oogst. In West- en Midden-Brabant is ‘baomes’ geleidelijk aan gaan staan voor heel de herfst. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 22/09/2026Dat Germaanse *harbist was afgeleid van het werkwoord *harbijan, “plukken”. *Harbijan had een verre achternicht in het Latijn: ‘carpere’, ook “plukken”. Dat woord is bekend van ‘carpe diem’, “pluk de dag”. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 22/09/2026Het Germaanse *harbist moet oorspronkelijk “oogsttijd” hebben betekend. In het najaar wordt veel geoogst. Daardoor is *harbist bij ons voor het hele najaar gaan staan. Het Engelse ‘harvest’ is juist “oogst” gaan betekenen. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 22/09/2026Via het Oudnederlandse hervist komen ‘herfst’ en de varianten ‘herrest’, ‘herres’ en ‘herchst’ van het Germaanse *harbist. Het Engelse ‘harvest’ stamt daar ook van af, maar dat betekent “oogst”. Hoe zit dat? 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 22/09/2026Op de kaart zie je de data die prof. dr. Weijnen in de jaren 30 verzamelde in 239 plaatsen. Hij wilde weten waar mensen ‘herfst’ en ‘bamis’ gebruikten. Door heel de provincie gaven mensen ook een variant op ‘najaar’, zoals ‘naojaor’ en ‘nòjoor’. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 22/09/2026Het is herfst! Hoe zeg je dat op z’n Brabants? Je ziet het op de kaart. In de draadje lees je alles over de link tussen 'herfst' en 'harvest', en over de herkomst van 'baomes'. 2114
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 14/09/2026In Oost-Brabantse plaatsen van Rosmalen tot Budel en van Schijndel tot Gemert heeft ‘perd’ een bijzonder meervoud: ‘pèèrd’. In Midden-Brabant is het meervoud juist hetzelfde als het enkelvoud: ‘1 pèèrd, 2 pèèrd’ – althans oorspronkelijk. Nu hoor je ook veel ‘pèèrde’. 020
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 14/09/2026‘Parafrēdus’ was eerder ‘paraverēdus’ en dat bestond uit twee delen: het Griekse ‘para-’ (bij, naast) en het Gallische ‘verēdus’ (paard). Een paraverēdus was dus een “extra paard”: een vers exemplaar waar koeriers op overstapten als hun vorige paard moe was. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 14/09/2026Een nog oudere vorm van ‘pert’ is ‘perert’. De middeleeuwse voorlopers van het Duitse ‘Pferd’ zijn ‘pferit’, ‘pherfrit’ en ‘pharafrit’. Samen komen deze woorden van het Germaanse *parafrid. Dat was overgenomen van het Latijnse ‘parafrēdus’. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 14/09/2026Een ‘pert’ was een werkpaard, een simpele knol dus. Een luxepaard werd anders genoemd: ‘hors’, ‘ors’ of ‘ros’. Die woorden zijn familie van het Engelse ‘horse’. 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 14/09/2026‘Pèèrd’, ‘perd’ en ‘pjerd’ zijn niet ontstaan uit ‘paard’. In de middeleeuwen was het namelijk eerst ‘peert’ en ‘pert’. In de Zuid-Hollandse dialecten werd het ‘paert’ en later ‘paard’. Het Nederlandse woord ‘paard’ is dus typisch Hollands. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 14/09/2026Hoe noemen Brabanders een paard? Je ziet het op de kaart! In het draadje hieronder lees je er alles over. 140
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026De eerste naamval ‘ons(e) vader’ veranderde in ‘ons vaoder’, net zoals ‘ons(e) moeder’ ‘ons moeder’ werd. Er is dus niks vrouwelijks aan ‘ons vaoder’. ;) Vond je deze post leuk? Like hem en volg ons voor meer Brabantse weetjes en kaartjes! 020
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026Alleen de vierde naamval bleef over. Bij mannelijke woorden was dat dus de vorm met -en: ‘onsen esel’. Vandaar dat het ‘onzen Bart’ is. Voor bepaalde klanken sleet de n later weg, zoals we eerder zagen: ‘onze Cor’. Gek genoeg bleef bij mannelijke familieleden juist de eerste naamval over. 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026Vrouwelijke woorden hadden in allebei die naamvallen ‘ons’ of ‘onse’. Er was geen verschil. Ons(e) moeder siet mi. Ic sie ons(e) moeder. Dat is ons(e) coe. Wi hooren ons(e) coe. Aan het eind van de middeleeuwen veranderde er iets. 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026In de middeleeuwen hadden woorden nog naamvallen. Mannelijke woorden kregen in de eerste naamval ‘ons’ of ‘onse’, maar in de vierde was dat ‘onsen’: Ons(e) vader siet mi. (1e naamval) Ic sie onsen vader. (4e) Dat is ons(e) esel. (1e) Wi hooren onsen esel. (4e) 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026In delen van Noord-Brabant zit er een addertje onder het gras. Woorden voor mannelijke familieleden lijken vrouwelijk: ze krijgen niet ‘onze(n)’ maar ‘ons’. Zo is het in Midden-Brabant ‘ons vaoder’, ‘ons pap’ en ‘ons opa’. Hoe komt dat? We gaan even terug naar de middeleeuwen. 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026‘Ons Cor’ bestaat ook, maar dat is een vrouw. Voor een vrouwennaam komt van oudsher ‘ons’, dus zonder uitgang. Het is dus ‘ons Marjan’, ‘ons Thea’ en ‘ons Anne’. En ook ‘jullie/ullie Cor’ en ‘hullie/zullie Cor’. 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026Wat voorbeelden: b, d, h, t, klinker: onzen Bob, onzen Dirk, onzen Henk, onzen Ad, onzen Teun andere klanken: onze Kees, onze Ruben, onze Job, onze Piet, onze Cor Het is dus ‘onze Cor’ omdat het een man is die met een c begint. 140
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026Het woord dat voor de naam ‘Bart’ komt, eindigt op -en: ‘onzen’. Dat komt doordat Bart een man is én met een b begint. Sommige mannennamen krijgen ‘onze’. De reden: de n verschijnt alleen als de naam begint met een b, d, h of klinker, en in Oost-Brabant ook een t. 130
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026In het Brabants kun je heel mooi aangeven bij welke familie iemand hoort: ‘Onzen Bart’ is eigen familie. ‘Julliejen/ulliejen Bart’ hoort bij degene met wie je praat. En ‘hulliejen/zulliejen Bart’ is familie van de mensen óver wie je praat. 140
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 07/09/2026In de Brabantse dialecten is ons Cor een vrouw, maar onze Cor een man. Hoe zit dat? Hieronder en op de afbeeldingen lees je er alles over! 174
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 31/08/2026Bijna elke week zie je hier een kaartje van een woord in de Noord-Brabantse dialecten. Hoe komen die kaartjes tot stand? Swipe door de afbeeldingen en je ziet hoe Yoïn, een van onze taalkundigen, de koe-kaart van deze week heeft gemaakt. 192
Reposted by Brabanders en hun taalBrabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 24/08/2026In de Noord-Brabantse dialecten zijn er maar liefst tien manieren om ‘tijd’ te zeggen. Een daarvan is nog bijna middeleeuws. Een ander is ontstaan door het woord ‘zat’. Hieronder lees je er alles over. 172
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 24/08/2026... als het ware één woord. Na de ij kwamen nu twee medeklinkers: dz. In zo’n geval maakten mensen de ij korter. Voilà: ‘tedzat’. Daar zijn meer voorbeelden van. Een paar uit Midden-Brabant: tijd / beteds rijf / refke blijve / blefde gij nijpe / neptang wijd / ’t wedst knijn / knenskoôi 020
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 24/08/2026Uit de uitspraak ‘tijd’ ontstonden later allerlei andere varianten, zoals ‘tèèd’, ‘taid’ en ‘toid’. ‘Ted’ is een bijzonder geval. In sommige plaatsen bestaat dat naast ‘tijd’ of ‘tèèd’. ‘Ted’ is veroorzaakt door ‘zat’. Dat zit zo. ‘Tijd’ werd veel gebruikt in de combinatie ‘tijd zat’. Dat werd ... 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 24/08/2026In de viertiende eeuw begon die ie-uitspraak in grote delen van Brabant te veranderen in een ei-klank, maar niet overal. In het Land van Cuijk en rond Budel bleef de ie, al werd hij wel korter: ‘tied’. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 24/08/2026Daar bedachten schrijvers iets op: ze gingen de tweede ı langer maken: ıȷ. Zo ontstond de lange ij. De uitspraak van die ıȷ was nog niet ei. Het was een lange ie-klank, zoals in ‘vieren’. 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 24/08/2026In de middeleeuwen werd het woord voor ‘tijd’ aanvankelijk gespeld als ‘tiit’ – of eigenlijk ‘tııt’, want puntjes waren er nog niet. Dat was alleen niet zo handig, want ıı leek verdacht veel op u in de handschriften van die tijd. 110
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 24/08/2026In de Noord-Brabantse dialecten zijn er maar liefst tien manieren om ‘tijd’ te zeggen. Een daarvan is nog bijna middeleeuws. Een ander is ontstaan door het woord ‘zat’. Hieronder lees je er alles over. 172
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 17/08/2026Het zou dus vreemd zijn om ‘wijteweg’ te schrijven, want het is niet ‘wijte’ plus ‘weg’ maar ‘wijd’ plus ‘eweg’. Vond je deze post leuk? Like hem en volg ons voor meer Brabantse weetjes en kaartjes! 030
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 17/08/2026De vergrotende trap ‘wijder’ is er in allerlei varianten. In de meeste dialecten is de d weg: ‘wijer’, ‘wèèjer’, ‘wiejer’. In Oost-Brabant zijn er zelfs plaatsen zonder e: ‘wèèr’. En onder andere rond Nuenen hoor je juist een t: ‘wijter’. 120
Brabanders en hun taal @brabanders-taal.bsky.social · 17/08/2026‘Wijd’ is in het Nederlands vooral “ruim” en “breed”, maar vroeger betekende het ook “ver”. Restjes daarvan zitten in ‘de wijde wereld in gaan’ en in ‘wijd en zijd’. 220